Zoeken
For the Future of Farming
Ferm4FarmNutrix+ en VIDAMeer informatie over VIDABrijvoerCCM

11-07-2017

Tarwegistconcentraat nader bekeken

Afbeelding: Artikel 1_TGC

Tarwegistconcentraten (TGC's) komen vrij bij de productie van bio-ethanol. Dit wordt o.a. gebruikt als brandstof. Grofweg is er 3 kg graan nodig voor 1 kg ethanol. De naam Tarwegistconcentraat is misleidend aangezien zeker niet altijd tarwe de grondstof is voor het proces. 

TGC kan behalve van tarwe ook afkomstig zijn van mais, rogge, triticale of bijproducten uit de (tarwe)zetmeelindustrie. De meeste bio-ethanolfabrieken gebruiken een relatief vaste, constante stroom als grondstof voor de vergisting. Alleen Verbio in Duitsland laat de grondstof afhangen van inkoopprijs en beschikbaarheid; ze kunnen wisselen tussen diverse graansoorten die worden vergist. Verbio separeert in een centrifuge nog de zogenoemde “wetcake” voor gebruik bij rundvee. De dunne fractie die daarna overblijft wordt ingedikt tot ofwel Grain Pro (circa 27% ds) of Proti Flow (circa 18% ds).

Naast het gebruik van granen om te vergisten tot ethanol, is het ook mogelijk om reststromen zoals tarwezetmelen te vergisten nadat deze in een 1e stap al verwerkt zijn. De zetmeelverwerkende fabrieken van Cargill, Roquette en Tereos gebruiken de diverse graanbijproducten uit hun proces als grondstof. Hier kan ook variatie uit ontstaan. 
Alleen in Wanze/België wordt uitsluitend tarwe gebruikt. De tarwegries en gluten worden voor de vergisting afgescheiden waardoor een constant product ontstaat dat gebruikt wordt als grondstof voor de ethanolproductie.

Meestal is uit TGC het zetmeel verwijderd en is er nog een restant suiker aanwezig dat niet volledig vergist is. TGC bevat veel ruw eiwit dat afkomstig kan zijn uit de gluten (als het volledige graan vergist wordt) of uit het gisteiwit. Deze gisten, die zich in het proces van alcoholvorming sterk hebben vermeerderd, bestaan voornamelijk uit aminozuren met een geschikte samenstelling voor spiergroei. Een klein deel van het ruw eiwit kan uit vrije stikstofverbindingen (NPN) bestaan; deze NPN kan het varken niet of nauwelijks benutten.

Nadat de alcohol gewonnen is blijft het destillaat over. Dit wordt ingedikt zodat een TGC van 25-30% droge stof overblijft. Als TGC onder vacuüm wordt ingedikt wordt de temperatuur bij drogen niet veel hoger dan 600C en dit is beter voor de aminozuurbeschikbaarheid. Daarmee is er een positief onderscheid met de droge DDGS omdat daar de temperatuur bij drogen veelal 900C of zelfs hoger wordt. 
Een ander kenmerk van TGC is dat er tijdens het vergistingsproces glycerol ontstaat. Glycerol heeft dezelfde energie-inhoud als zetmeel. Het gehalte aan glycerol kan per soort TGC sterk verschillen. In tabel 1 staat een korte samenvatting van de eigenschappen van de belangrijkste TGC’s.

Tabel 1. Overzicht kenmerken verschillende TGC’s

Merk

Producent

Grondstof

Eigenschappen

ProtiWanze

CropEnergies - Wanze(B)

Tarwe zonder gries en gluten

Zeer stabiel door één grondstof; laagst in P en Na

Grainpro

Verbio (D)

Tarwe-Rogge-Triticale-Mais

Hoog eiwit, wisselende grondstoffen en  voederwaarde, laag Na

Sastapro

Cargill - Sas van Gent

Tarwezetmeelrestanten

Hoog Na; SO4; P en suiker

Bergapro

Cargill - Bergen op Zoom

Tarwezetmeelrestanten

Hoog P en suiker

Amypro

Tereos - Aalst (B)

Tarwezetmeelrestanten

Lage EW, hoog Na en SO4

Corami BE

Roquette - Beinheim (F)

Tarwezetmeelrestanten

Hoge EW en suiker, laag eiwit

Protiflow DE-Z

Verbio - Zorbig  (D)

Tarwe-Rogge-Triticale-Mais

Laag ds, dunne variant van Grainpro

BarPro

Cargill – Barby (D)

Tarwezetmeelrestanten

 

TGC Optipro

Bonda

Mix

Enige TGC niet nippelwaardig